25 Mar, 16:51, 100 x viewed
Lees wat eraan vooraf ging bij Nappie en Melusina

Vele eeuwen zijn er voorbij gegaan sinds ze zichzelf in een rietstengel veranderd heeft, om zich te beschermen tegen haar belager Pan. Het rijk der stervelingen heeft zich uitgebreid en de aarde volledig in bezit genomen. Zelfs de berg Olympus is in handen van de stervelingen gevallen. De goden en de andere mythische wezens leven nu in een andere dimensie, ergens tussen hemel en aarde. Op aarde wordt het steeds moeilijker om een rustig plekje te vinden.
De bossen rond de berg Olympus, waar Syrah ooit met haar vriendinnen mooie tijden beleefde, zijn volledig verdwenen. Veel van haar vriendinnen hebben hun onsterfelijkheid opgegeven door met een sterveling te trouwen. Zij zijn al lang geleden tot sterrenstof wedergekeerd. Hoewel ze verwant is aan de goden, voelt ze zich toch een beetje een buitenbeentje in hun gezelschap. Ofschoon ze van gezelligheid houdt en van een goed glas wijn, is ze niet zo uitbundig en vrij als de meeste godinnen. Als nymf leeft ze teruggetrokken in haar eigen wereld. Ze heeft haar geboortegrond verlaten voor een gebied waar minder stervelingen wonen. Hier is men het verhaal van Syrah en Pan al lang vergeten. Hier is Syrah het verhaal van de edele druif die tot godendrank wordt verwerkt, hier leeft ze als een godin in Frankrijk.
Ze brengt haar dagen door in de stilte van haar nieuwe leefgebied. Ze kijkt hoe het voorjaar ontluikt met bosanemonen en sleutelbloemen. Ze ziet de eerste dotterbloemen in de vijver verschijnen en hoe de irissen knoppen krijgen. Binnenkort zal het warm genoeg zijn om buiten te baden. Soms mist ze haar vriendinnen, met wie ze vroeger baadde. De enkeling die nog over is, ziet ze nog maar weinig. Toch heeft ze niet zo’n behoefte aan andere wezens. Er zijn maar weinig wezens met wie ze zich verbonden voelt.
Soms verlaat ze de beschutting van haar stukje aarde om een bezoekje te brengen aan de zee. Ze houdt van de uitgestrektheid en het desolate van de oceaan. Ook houdt ze van het gezelschap van haar verwanten, de waternymfen. Ze voelt zich met hen verbonden. Zij houdt van het mysterieuze gezang van de sirenen en van het geruis van de branding. Ze zwaait naar Melusina, die de wereld gadeslaat vanaf haar rots, omringd door water.
Een van haar favoriete plekken is het eiland dat ze per toeval ontdekte toen ze zich door de wind liet meevoeren naar onbekende oorden. Eerst dacht ze dat het eiland onbewoond was, maar na een stukje over het strand gelopen te hebben, ontdekte ze een hutje. Voor het hutje zat een man. Vanaf een afstandje sloeg ze hem gade. Een in eenzaamheid levende banneling, geketend door zijn eigen gedachten. Ze was niet bang voor hem, het voelde alsof ze hem al heel lang kende. Het voelde vertrouwd. Van tijd tot tijd zoekt ze hem op en luistert naar zijn verhalen. Ze houdt van zijn verhalen, ze wordt erdoor geraakt. Soms vertelt ze hem haar verhalen. Ze begrijpen elkaar.
Onlangs waren de goden vertoornd en lieten een hevige storm over land en zee razen. Er was veel schade, vooral aan zee. Ze maakte zich zorgen over de eilandbewoner. Terecht, want al snel bereikte haar het bericht dat zijn hut volledig verwoest was. Ze vroeg zich af wat dit voor gevolgen zou hebben voor de kwetsbare banneling. Ze dacht aan het glazen hart dat hij gekregen had. Hij was er zo zuinig op.

Toen ze op het eiland aankwam, bleek de eilandbewoner al druk bezig te zijn met de wederopbouw. Het zweet liep in straaltjes langs zijn lijf van het sjouwen van al dat hout voor zijn nieuwe hut. Inmiddels waren er ook een paar godinnen gearriveerd en als ze verder loopt ziet ze Mel voorovergebogen op het zand zitten, met het hart ongeschonden in haar handen. Ze legde het voorzichtig terug en kwam met het idee om een kistje te maken, zodat het voortaan onder alle omstandigheden beschermd zou blijven. De dag eindigde met een feest, met een overdaad aan vers gebraad, wijn en dans. Merope, Maia, Artemis, Melusina en een paar wezens die ze nog niet kende waren er en het was gezellig. Na een tijdje echter had ze er genoeg van. Ze voelde zich overbodig. De sfeer werd steeds losser en het gelach steeds harder, terwijl zij steeds stiller werd. Ze verlangde naar de rust van haar eigen plekje. Melusina had zich ook al teruggetrokken. Ze had gezien hoe ze haar mooie witte jurk van zich af had gegooid en zee verdwenen was. Van een afstandje keek ze naar de eilandbewoner en zijn harem. Sommigen zouden er de nacht doorbrengen. Zij niet, zij wilde naar huis. Ze wist dat alles goed was, ze kon met een gerust hart vertrekken. Als de rust was wedergekeerd zou ze weer terugkomen om naar zijn verhalen te luisteren. Hij zou haar vertellen hoe het verder ging en ze zou glimlachend naar hem luisteren.
© Syrah maart 2008
Check out other blogs here!Syrah